JR: De magische bol van William Gaddis

Met JR gaan Toneelhuis en FC Bergman met succes op zoek naar een vroeger stadium van onze kapitalistische samenleving zoals we die nu kennen: een gestructureerde chaos van communication overload, eenzaamheid en vervreemding.

In het midden van een gigantische ruimte in de oude Electrabelsite te Schelle staat een vierkantige constructie. Aan elke zijde van dat vierkant staat een tribune, waarin het publiek vrij mag plaatsnemen. Dat is een ingrijpende keuze: de plaats waar je zit, zal voor een groot deel de ervaring van de voorstelling bepalen. In die keuze komt duidelijk het polyperspectivisme naar voor, dat zich ook in de inhoud van JR zal manifesteren. Wat het regie-ensemble zelf als de building bestempelt, is een constructie van vier verdiepingen waarin we de personages zien leven en vechten. Elke verdieping wordt gebruikt als speelruimte – of als scherm. Hierin schuilt de kracht van JR: de voorstelling bevindt zich op de dunne grens van film en theater, want twee live action camera’s registreren en projecteren meteen het gespeelde. De filmstijl van de cameramannen in combinatie met de juiste muziek is een cruciaal element voor het welslagen van de productie. En slagen doet JR met grote onderscheiding: de bedrijfswereld gaat bijvoorbeeld gepaard met gejaagde percussie en een camerastijl die sterk herinnert aan Birdman, wat de schreeuwerige Amerikaanse business in al haar drukte weergeeft.

CREATIVITEITSDODEND TELEFOONGERINKEL

De scène leeft. Het geheel oogt als een bijenkorf of een krioelende mierenhoop waarbij iedereen constant in de weer is. Terwijl lerares Amy Joubert (Marie Vinck) zichzelf en haar zoontje klaarmaakt om naar school te vertrekken, neemt Jack (Jan Bijvoet) ballonnen mee voor zijn dochtertje en masturbeert Tom (Stijn Van Opstal) op de wc in zijn kantoor. Die laatste twee elementen worden niet op het scherm getoond en zijn dus uniek voor een deel van het publiek. Die dynamische veelheid zorgt ervoor dat elke toeschouwer een andere voorstelling ziet en kan kiezen welke personages hij wil volgen. Het is de taak van het publiek om zelf structuur te geven aan de wanhopige chaos die het eenzame leven van al de gebroken mensen in de grootstad verbindt.

Die chaos uit zich ook in de plot, aangezien de input van verhaallijnen, personages en economisch jargon zo hoog is dat we moeite hebben om het verhaal van J tot R te begrijpen. Dat is nu net de bedoeling van de voorstelling die gebaseerd is op de roman van William Gaddis (1922 – 1998): de schrijver voorspelde al een teveel aan communicatie die intussen met sociale media nog meer doorgedreven is. Representatief voor die gedachte is de sterke scène waarin aspirerend schrijver Jack Gibbs zijn notities probeert om te zetten in een roman, maar daarbij constant wordt afgeleid door creativiteitsdodend telefoongerinkel. Gibbs’ chaotische wanhoop door de overdaad aan impulsen is voor ons vandaag ontzettend herkenbaar. Zonder te vervallen in expliciet moralisme of romantisering van hoe het vroeger ging, kaart de bonte groep van theatergezelschappen de problematiek van de overvloed aan.

EEN MINI-GOD VAN MUNTEN EN BRIEFJES

De ijzersterke cast van JR zorgt ervoor dat we van begin tot einde geboeid blijven kijken. Memorabel is de neergang van schoolleraar-componist Edward Bast (Oscar Van Rompay), die het stuk opent in een mise en abyme van een schooltoneel over het Nibelungenlied. Onder begeleiding van zwellende Duitse operamuziek ziet het publiek hoe het personage terechtkomt in een neerwaartse spiraal, die hem niet enkel zijn job, maar uiteindelijk ook zijn hoop zal kosten. Van Rompay laat het personage op een subtiele manier tot leven komen en verbaast de hele avond. In contrast daarmee staan clichématigere – maar wel zeer entertainende – rollen als die van Geert Van Rampelberg of Gene Bervoets, die in de oppervlakkigheid blijven vastzitten.

Het personage JR zelf (Kes Bakker), de elfjarige jongen die de kapitalistische molen en een nieuw succesvol bedrijf in gang zet, blijft gedurende het hele stuk als een mini-god van munten en briefjes op de achtergrond. Wanneer hij wel verschijnt, vliegen de beurstermen het publiek om de oren. Hoewel dat soms ongeloofwaardig overkomt, staat het kind voor het amorele aan het kapitalistische systeem en zetten zijn uitspraken ons aan het denken. Bakker doet zijn best, maar JR is niet omwille van de economische plot zo bekoorlijk. Het zijn daarentegen de herkenbare, menselijke drama’s in de schaduw van het kapitalisme die het stuk naar een hoger niveau tillen. Zo is er bijvoorbeeld de perifere verhaallijn van Rhoda, vertolkt door de formidabele Anne-Laure Vandeputte. In een emotionele scène met Jack en Tom diept Vandeputte haar cokeverslaafde en nymfomane personage Rhoda uit. Haar ogen spreken eenzaamheid en onzekerheid alvorens haar woorden dat doen.

JR slaagt er bovenal in om de chaos van de moderne wereld zowel vormelijk als inhoudelijk gestalte te geven. Op een herkenbare en bevattelijke manier presenteren de regisseurs het hoofdthema van vervreemding door een teveel aan communicatie in een bombastische enscenering. Paradoxaal genoeg is het product van die communicatie de eenzaamheid: net door die waaier aan oppervlakkige kanalen in combinatie met hebzucht, verliezen we als maatschappij de focus op emoties en de mens. De vraag hoe we dan wel moeten omgaan met het existentieel gegeven dat het kapitalisme is, blijft onbeantwoord. Wat wel zonneklaar is, is dat een samenwerking tussen Toneelhuis, FC Bergman, KVS, NT Gent en Olympique Dramatique leidt tot een spetterend totaalspektakel.

Mathieu Lonbois

Comments

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s